Kruishoutemse Kerken

Er zit tegenwoordig zo weinig volk in de kerk dat God twijfelt aan het bestaan van de mens
- Marc UYTTERHOEVEN (1957), Vlaams TV-presentator en mediafiguur

Ooit waren de Kruishoutemse kerken te klein voor de massale volkstoeloop, sinds de zestiger jaren van de vorige eeuw zijn ze te groot geworden. Symptomatisch is de stelselmatige, voorwaartse uitbreiding van het hoogkoor richting de alsmaar kleiner wordende geloofsgemeenschap. Stuk voor stuk zijn het pareltjes van religieus erfgoed met een verleden. Hopelijk vinden ze een toekomst. Info: www.kerknet.be/microsite/dekenaat_kruishoutem.

 

Sint-Eligiuskerk 01 Sint-Eligiuskerk 02

Neogotische kerk met ranke torenspits, voltooid in 1855. Kwam in de plaats van een romaans exemplaar dat te klein was geworden voor de massale volkstoeloop; op zondag waren er vier erediensten voor in totaal 4.000 gelovigen die moesten recht staan ! Reeds in 1843 waren er plannen om het koor en de toren van de toenmalige kerk te herstellen en te vergroten. In 1852 werd beslist om een volledig nieuwe kerk op te trekken. Architect was Pierre Nicolas Croquison (1806-1887), verantwoordelijke voor het neerpoten van tal van neogotische mastodonten, vooral in West-Vlaanderen.

Zie:

Sint-Dionysiuskerk 01 Sint-Dionysiuskerk 02

Driebeukig, bakstenen kerkje, daterend van 1750. Verving een vroegere kerk uit 1685. Toren in peervorm. Het hoogkoor met hoofdaltaar is enig inzake opbouw en versiering. Over de lengte van de middenbeuk en in het koor hangen talrijke obiits (begrafenisschilden) van de familie de Ghellinck D'Elseghem, de laatste adellijke bewoners van het kasteel van Wannegem-Lede. Hun grafkelder bevindt zich buiten vóór het hoogkoor. Aan de zijmuren prachtig geschilderde kruisweg uit 1869 van Gentenaar Constant De Surgeloose (1817-1882).

Zie:

  • DEVOS Patrick, De Sint-Dionysiuskerk van Wannegem-Lede, een verrassende erfgoedparel van het neoclassicisme op het platteland (deel I), Jaarboek 2014, p.65-88.
  • CLAESSENS Stefan, De consolidatie van het Hooghuys-orgel van Lede, Jaarboek 2014, p.133-137.
  • DHONDT Oscar, Wannegem en Lede, Jaarboek 2003, p. 98-114.
  • Foto's vroeger en nu, Jaarboek 2008, p. 246.
  • deze website, rubriek 'Kruishoutemse Curiosa' (vier kerkpuien).
  • deze website, rubriek 'Kruishoutemse cinema', voorstelling jaarboek 2017, filmpje over Jean-Baptiste XIII de Ghellinck d'Elseghem: http://www.hultheim.be/index.php/kruishoutemse-cinema/485-jaarboek-2017.

O.L. Vrouw van Bijstandskerk 01 O.L. Vrouw van Bijstandskerk 02

Gebouwd in opdracht van barones Marie-Julie van Rockolfing (1770-1844) in 1842-1844. Ze maakte de voltooiing niet meer mee. Het werk werd verder gezet door haar zoon Baron Adolphe della Faille d'Huysse (1798-1873). Architect van dienst: Louis Minard (1801-1875), gekend van de gelijknamige schouwburg in Gent. Inwijding op 15 april 1845. De kerktoren kwam er pas in 1861. De oprichting van de kerk betekende de doorstart van Lozer als écht dorp. In 1868 werd het kerkje een aardig achtergrondmotief in de ravissante muurschilderingen van de Lozerse pastorie.

Zie:

Sint-Gabriëlkerk 1 Sint-Gabriëlkerk 2

In 1926 opgetrokken door de Paters Passionisten van Wezenbeek-Oppem. Eerste steenlegging op 19 mei van dat jaar. Inwijding amper 14 maanden later. Gebouwd door de Kortrijkse aannemers Van den Bussche met de hulp van enthousiaste wijkbewoners die met paard en kar bouwmaterialen in Deinze gingen halen. De kerk is in baksteen, met pseudo-basilicale aanleg. Imposante middenbeuk. Geelbakstenen kerkinterieur in waardige art-decostijl. De aansluitende kloostersite ging in 2016 samen met de beboomde tuin en de bakstenen omheiningsmuur met rondboognissen tegen de vlakte.

Zie:

  • VERZELE Gaby, VERZELE Jozef en VAN CAUWENBERGHE Johan, De passionisten en de Marolle: 78 jaar intens samenleven, Jaarboek 2004, p. 202-228.
  • OMD-brochure, 14 september 2008.
  • deze website, rubriek 'Kruishoutemse Curiosa' (de Lourdesgrot).
  • Rubriek 'Vroeger en nu', jaarboek 2016, p.246.

Sint-Ursmaruskerk 1 Sint-Ursmaruskerk 2

Voormalig Romaans kruiskerkje van Doornikse steen, teruggaand tot de 12de-13de eeuw. De vierkante onderbouw van de kruisingstoren bleef tot heden behouden. Vermoedelijk in de 16de eeuw werden schip en koor omgebouwd in gotische stijl. In 1702 verwierf de kerk na een pestepidemie een reliek van de H. Ursmarus van Binche. In 1895 werden alle vensters en rondbogige galmgaten vervangen door neogotische spitsboogvensters. De zijbeuken werden verlengd met één en het schip met twee traveeën. De torenspits werd naar ontwerp van architect Germain De Vos gerestaureerd in 1988.

Zie:

  • KINDS Lieven, Acht eeuwen Nokere, 1996, p.13-69.
  • DE BORGGRAEVE Edwin, Honderd jaar Sint-Ursmaruskapel te Nokere, Jaarboek 2012, p. 224-235.
  • 'Viering 100 jaar Sint-Ursmaruskapel te Nokere', Kruishoutemse Kronieken, Eierdopje mei 2012, p.23.
  • Foto's vroeger en nu, Jaarboek 2012, p. 244-245.

Sint-Machutuskerk 1 Sint-Machutuskerk 2

Bakstenen neoclassicistische kerk. Bouw begonnen in 1783. De werkzaamheden werden pas zeventig jaar later voltooid. Beschadigd op het einde van den Grooten Oorlog. Plafond bestaat uit 16 prachtig uitgemetste koepels. Houten altaren gemarbreerd door Charles en Antoine Moretti in 1785. Deze Italiaanse broers waren iets verder ook aan de slag in het kasteel. Een omweg waard: de twee brandramen geschonken door Wannegemnaar Henri Gabriëls (1838-1921), die in 1891 bisschop was geworden in de USA.

Zie: